Staat van de Nederlandse BESS-Markt

Battery Energy Storage Systems (BESS) spelen een cruciale rol in de energietransitie. Deze systemen slaan overtollige energie op uit hernieuwbare bronnen zoals zonne- en windenergie, en leveren het terug aan het net wanneer de vraag hoog is. In Nederland, waar de energiemarkt wordt geplaagd door net-congestie en een snelle uitrol van duurzame energie, groeit de BESS-markt explosief. Maar hoe staat het er nu precies voor met de BESS markt? In dit artikel duiken we erin en zien we wat het groeipotentieel is.

congestiekaart afname

Bron: Capaciteitskaart

Huidige Capaciteit en Projecten in Nederland

Begin 2026 staat de operationele BESS-capaciteit in Nederland op ongeveer 350 MW, met een pijplijn van zo’n 4.1 GW aan projecten in constructie en nog eens 29GW in ontwerp fase. Volgens de bijgestelde prognoses van TenneT uit de Monitor Leveringszekerheid 2025, kan de totale capaciteit tegen 2030 oplopen tot 6,7 GW batterijcapaciteit (inclusief standalone en colocated). Een stijging ten opzichte van de 4,9 GW uit de 2024-editie van het rapport. En voor 2035 wordt er 18GW aan batterijcapaciteit door TenneT geprognotiseerd. Dit is nodig om de volatiliteit in het net te beheren, die de snelle groei van zonne-energie (PV) en wind veroorzaakt. Dalende batterijkosten en flexibele aansluitcontracten zoals tijdafhankelijke transportrechten (TDTR) danken we aan de toename; ze bieden tot 65% korting op nettarieven.

  • Projectvoorbeelden:
    Antares-systeem in Waddinxveen: een 100 MW/200 MWh BESS dat genoeg energie opslaat om tijdelijk 50% van Den Haag van stroom te voorzien.
  • Project Mufasa (320 MW) in Vlissingen
  • Leopard (300 MW) van Giga Storage

Deze projecten laten zien dat batterijopslag in Nederland snel opschaalt. Volgens marktonderzoeker Industrial Info volgt men momenteel 135 BESS-projecten in Nederland, met een totale investeringswaarde van meer dan 6,6 miljard USD.

Daarnaast heeft TenneT via zogeheten tijdafhankelijke transportrechten (TDTR-contracten) recent 9,1GW aan transportcapaciteit beschikbaar gemaakt tijdens daluren. Dit zijn de momenten waarop het minder druk is op het elektriciteitsnet. Ongeveer 6GW van deze capaciteit is bestemd voor batterijprojecten. Dit versnelt de verdere groei van grootschalige energieopslag in Nederland.

De BESS-installatie Antares-systeem in Waddinxveen:

image

Bron: Alfen.com

De Groei

De groei van de batterijmarkt wordt vooral beïnvloed door sterke schommelingen in elektriciteitsprijzen, een toenemende verzadiging van ondersteunende netdiensten (zoals FCR en aFRR) en de opkomst van nieuwe optimalisatieplatforms.

Voor een rendabele businesscase is zogeheten revenue stacking steeds belangrijker. Dit betekent dat batterijen inkomsten combineren uit verschillende bronnen, zoals het inkopen en verkopen van stroom op prijsverschillen (arbitrage), het leveren van netdiensten en het helpen verminderen van netcongestie. Volgens een recente whitepaper worden voor 2026 vijf verschillende verdienmodellen onderscheiden, waaronder optimalisatie via een aggregator: een partij die meerdere kleinere batterijsystemen bundelt en gezamenlijk aanstuurt om betere marktresultaten te behalen.

Hieronder een grafiek van de verwachte jaarlijkse installaties in Nederland (Medium Scenario):

Bron: solarplaza.com

Zoals te zien, stijgt de capaciteit van 0,5 GWh in 2024 naar 8,8 GWh in 2029, met utility-scale projecten als grootste driver.

Belangrijke Ontwikkelingen: Energiebelasting en Kwartierprijzen

Een sleutelontwikkeling is de aanpassing van de energiebelasting om dubbele belasting bij batterijopslag te voorkomen. Sinds 1 januari 2022 is dubbele heffing voor grootverbruikers opgelost: elektriciteit geleverd aan opslagfaciliteiten wordt niet belast, om vermenging van belaste en onbelaste stroom te vermijden. Voor kleinverbruikers, zoals thuisbatterijen, blijft dit echter een issue. Minister Hermans van Klimaat en Groene Groei ziet geen korte-termijnoplossing. Dit komt de adoptie van thuisbatterijen niet ten goede. Dit leidt tot rechtszaken en belemmert de markt, vooral met de afschaffing van saldering.

Een andere belangrijke verandering is de invoering van kwartierprijzen op de day-aheadmarkt per 1 oktober 2025. In plaats van één stroomprijs per uur, wordt de prijs nu elke 15 minuten vastgesteld. Dat betekent 96 prijsmomenten per dag.

Dit systeem sluit beter aan bij de wisselende productie van zonne- en windenergie, maar zorgt ook voor grotere prijsschommelingen. In 2025 telde Nederland ~580 uren met negatieve stroomprijzen. Door de overstap naar kwartierprijzen komen prijsuitschieters vaker voor, maar duren ze meestal korter.

Voor batterijopslag (BESS) biedt dit extra kansen: batterijen kunnen opladen wanneer de prijs laag of negatief is en stroom terugleveren bij hoge prijzen. Tegelijkertijd vraagt dit om slimmer energiemanagement. Doordat steeds meer batterijen actief zijn op de markt, kunnen de gemiddelde opbrengsten per systeem bovendien onder druk komen te staan.

De BESS-opbrengsten in Nederland toont een dalende trend door marktveranderingen:

image

Bron: Mayk Thewessen – BESS Market Expert

Bruto-opbrengsten dalen exponentieel, met netto-inkomsten (exclusief kosten) in 2025 onder de €100.000/MW/jaar zijn gezakt voor een 2-uurssysteem.

Nederland versus Andere Europese Landen

Europa’s BESS-markt groeit snel: in 2025 werd 16 GW geïnstalleerd, met een prognose van 120 GWh nieuw per jaar tegen 2029. De markt is geconcentreerd: Duitsland, Italië en het VK dekken 70% van de capaciteit. Nederland loopt achter met 250 MW operationele, vergeleken met het VK’s 7,5 GW en Duitslands 3,5 GW in 2025.

Toch doet Nederland het relatief goed in zogenoemde merchant-modellen, waarbij batterijprojecten hun inkomsten volledig uit de markt halen. De prijsverschillen op de elektriciteitsmarkt zijn hier relatief groot, met een gemiddeld dagelijks verschil van 121 euro per MWh. Dat biedt kansen om stroom goedkoop in te kopen en later duurder te verkopen.

Tegelijkertijd zijn er duidelijke uitdagingen. De netkosten zijn hoog (ongeveer €56.000 per megawatt per jaar) en er is sprake van aanzienlijke netcongestie: in totaal wacht 70 gigawatt aan projecten op een aansluiting, terwijl er slechts 9 GW aan capaciteit beschikbaar is. Daardoor zijn zelfstandige batterijprojecten in Nederland vaak minder rendabel dan in landen als Duitsland of het Verenigd Koninkrijk.

In 2025 vond er in Nederland naar schatting 16 Petajoule (PJ) aan curtailment plaats, wat het afschakelen van hernieuwbare elektriciteit productie (zon en wind) betekend. Dit komt overeen met ongeveer 4.4TWh. Dit benadrukt enerzijds de kansen voor BESS, maar laat anderzijds ook zien hoe groot de huidige netproblemen zijn.

Een bijgewerkte grafiek van Europe’s BESS-capaciteit tot 2030 toont Nederland als aantrekkelijk, met hoge spreads maar beperkte ancillary services:

image

Bron: Synertics

Duitsland plant 18 GW BESS utility-scale operationeel te hebben tegen 2034. In vergelijking mikt Nederland op 6,7 GW totaal in 2030. Waar TenneT een groei voorspelt naar 11,4 GW in 2033 en 15,8 GW in 2035. Europa breed groeit de markt met 14,4% CAGR tot €18 miljard in 2030.

Toekomstperspectief: Kansen en Risico’s

Met gerichte subsidies, zoals €100 miljoen voor batterijopslag bij zonne-energieprojecten (PV), en technologische innovaties in lange termijn opslag (met als kostendoel minder dan €50 per kWh), ziet de toekomst van batterijopslag er positief uit.

Ook TenneT neemt zogeheten LDES (long-duration energy storage) mee in de prognoses. Dit gaat om batterijsystemen die niet alleen binnen één dag (intraday), maar ook meerdere dagen achter elkaar energie kunnen opslaan en leveren. In 2035 wordt ongeveer 2GW aan LDES capaciteit verwacht met een duur van 12 uur en langer.

Er zijn echter ook risico’s. Regelgeving kan verdere groei vertragen, en door de snelle toename van het aantal batterijen kunnen opbrengsten onder druk komen te staan (zogeheten revenue-cannibalisatie). Nederland kan hierbij leren van buurlanden door vaker te kiezen voor non-firm netaansluitingen: flexibelere aansluitcontracten met tot 65% lagere netkosten. Al met al positioneert Nederland zich als een flexibele speler in Europa’s energiemarkt. Wel zijn snellere beleidsaanpassingen cruciaal om bij te blijven. De bijgestelde TenneT-prognoses benadrukken een realistischere groei, gedreven door kostenreducties en innovatieve contracten.